Afgelopen vrijdag kwam Lisa, één van de tiener kids van school thuis met een lang gezicht, of misschien moet ik zeggen nog langer gezicht dan normaal. Ze was de klas uitgezet en had strafwerk gekregen omdat ze brutaal was geweest. Dat kan natuurlijk wel eens gebeuren maar toen vertelde ze dat dit gebeurt was bij een leraar waar ze al eerder over verteld had. Hij had de klas vol tieners namelijk verteld dat hij ruzie had gehad met zijn vriendin. Met andere woorden ik ben chagrijnig dus pas op! En dat was niet het enige met dit vak. Twee weken geleden bleek dat vrijwel de hele klas niet de juiste boeken had. Blijkbaar was het de bedoeling geweest om de boeken van het vorig jaar te houden. Helaas pindakaas, maar dat was dus bij bijna niemand bekend. Geen probleem dachten we. We bestellen de boeken gewoon bij en dan kan alles weer gewoon verder. Na wat belletjes en mailtjes over en weer naar de leraar en de school kwam dan eindelijk het bericht waarin de titels van de boeken en bijbehorende ISBN nummers. Op de site van de boekhandel was na veel gezoek maar één van de twee boeken te vinden. ( Moeders heeft hier een groot deel van haar avond aan gesleten zonder resultaat) Een aantal telefoontjes en mailtjes verder bleek ook nog eens dat de boeken die vorig jaar ingeleverd zijn doodleuk opnieuw in rekening gebracht zouden worden.
Dit was begin vorige week en we zijn nog steeds in afwachting van een antwoord hoe de leraar of de school dit op gaat lossen (er was duidelijk geen bericht dat de boeken behouden moesten worden) en wanneer. Het antwoord laat nog steeds op zich wachten en er zijn nog steeds geen boeken. Het strafwerk kwam dus van dezelfde leraar en de oorzaak was dat Lisa brutaal was geweest toen de leraar vroeg waarom Lisa, zoals bijna de hele klas, haar boeken niet had. “Kopieer ze maar” riep hij, en Lisa’s antwoord was: “Weet je wel wat dat kost……” resultaat, uit de klas en strafwerk maken. Schrijf maar een verhaal van 6 pagina’s over een bij die een vuurvlieg uit het water redt! Toen ik dat hoorde dacht ik, misschien is het tijd de leraar een boodschapje te sturen. Hieronder het verhaaltje wat ik voor Lisa heb geschreven. Ze gaat in ieder geval vragen of ze het voor mag lezen in de klas. Wat zou ik daar graag bij zijn!
In een land hier heel ver vandaan, of misschien toch dichterbij dan je denkt leefde een vrolijk bijen volkje. De bijen waren altijd blij en iedereen noemde hen dan ook de blije bijen. Soms was er een boze bij bij maar dan werd die altijd opgevrolijkt door de andere bijen en was het weer een blije bij.
De blije bijen woonden in een groot bos waar overal prachtige bloemen groeide. De mooiste bloemen die groeide bij de vijver en de blije bijen kwamen daar elke dag. Behalve als de blije bijen naar school toe moesten. De bijenschool was aan de rand van het bos. Het was een groot lelijk gebouw. De bijen kregen daar les van de vuurvliegen. Waarom de vuurvliegen de bijen les gaven weet eigenlijk niemand. Er werd wel eens verteld dat de vuurvliegen graag de baas wilde spelen en daarom les zijn gaan geven op de bijenschool. Vooral omdat ze nergens anders baas mochten zijn, zelfs thuis niet.
Zo kwam het dat de vuurvliegen elke dag vliegensvlug naar de school vliegen om lekker de baas te gaan spelen over de blije bijen. De meeste bijen vonden het niet erg op school, ze konden wel wat leren van de vuurvliegen. De blije bijen leerde daar van alles: Hoe je moet rekenen, andere talen zodat ze ook met de torren en de sprinkhanen konden spreken en hoe ze later een baantje konden krijgen door bijvoorbeeld in de honingwinkel te gaan werken.
Het hoofd van de school was een vriendelijke vuurvlieg die de andere vuurvliegen altijd vertelde dat het belangrijk is om de blije bijen te leren dat ze zelf net zo wijs moeten zijn als de vuurvliegen. Het belangrijkste vond de hoofdvuurvlieg dat de leraar vuurvliegen zelf het beste voorbeeld moesten zijn voor de blije bijen.
Eén van de vuurvliegen ging vroeger zelf graag naar school om te leren hoe hij later de bijen het beste les kon geven. De leraren op zijn school vond hij niet zo leuk. Ze begrepen de leerlingen helemaal niet en ze luisterde nooit naar wat de leerlingen te vertellen hadden. “Niet zo brutaal jij” riepen de leraren of ze werden meteen de klas uitgezet en dan kregen ze strafwerk. Heel vaak moesten ze dan voor straf een verhaaltje schrijven over een stom onderwerp.
Toen de vuurvlieg eindelijk les mocht geven was het niet zo leuk als hij dacht. Hij wilde altijd dat de leerlingen hem de leukste en beste leraar van de school zouden vinden en dat daarom alle leerling bijtjes precies deden wat hij wilde. Tijdens de lessen kwam hij erachter dat de bijtjes veel liever bij de mooie vijver wilde zijn dan te luisteren naar de lessen van de vuurvlieg. Daarom werd de vuurvlieg steeds strenger en was hij vergeten hoe leuk hij lesgeven eigenlijk vond. Ook als hij thuis kwam was hij niet meer zo vrolijk en gezellig. Zijn vriendin wilde graag dat hij weer vrolijk werd maar daar mocht ze niet met hem over praten want dan kregen ze elke keer ruzie. De dag daarna was het voor de blije bijtjes helemaal een vervelende les.
Op een mooie dag toen de vuurvlieg vrij was kreeg zijn vriendin een goed idee. Laten we gaan wandelen in het bos en gaan picknicken tussen de mooie bloemen naast de vijver. Dat vond de vuurvlieg een goed idee. Ze pakten een mand in vol met lekkere dingen en stapte op de fiets richting het bos. Bij de rand van het bos aangekomen wandelde ze verder richting de vijver. Overal hoorde ze vogeltjes zingen en toen ze dichter bij de vijver kwamen hoorde ze het vrolijke gezoem van de bijtjes die daar van bloem naar bloem aan het vliegen waren. Ze liepen om de vijver heen en vonden vlak bij het water een mooie plek om te gaan zitten. Ze hadden een mooi uitzicht over het water en zaten midden tussen de kleurige bloemen die onder een grote eikenboom die half over het water heen hing groeide. De vuurvlieg wilde een beetje stoer doen en indruk maken op zijn vriendin en klom in de eikenboom. Steeds hoger en hoger tot hij bij de tak kwam die over het water hing. “Pas nou op”, riep zijn vriendin, “dadelijk val je in het water en je kan niet zwemmen”. Dat klopte de vuurvlieg had nooit leren zwemmen op school. Dat wilde hij wel graag maar de zwemleraar was vergeten om te zorgen dat de leerling vuurvliegen de boeken voor de zwemles mee zouden nemen naar de les en ze wisten zelf niet hoe ze aan de boeken moesten komen. Omdat de zwemleraar niet goed uit kon leggen hoe ze moesten zwemmen waren de boeken hard nodig. Zo kwam het dus dat de vuurvlieg nooit had leren zwemmen.
In de eikenboom klom de vuurvlieg steeds verder op de tak over het water. Net toen hij zijn vriendin wilde roepen gleed de vuurvlieg uit en viel hij naar beneden in het water van de vijver. “Help, help”, riep zijn vriendin. De blije bijtjes hoorde het geschreeuw en kwamen kijken wat er aan de hand was. Toen zagen ze de vuurvlieg spartelen in het water en af en toe kopje onder gaan. Eerst moesten ze lachen maar toen zagen ze dat de vuurvlieg niet kon zwemmen. Meteen vlogen de bijtjes naar de vuurvlieg toe en hielpen hem uit het water. De vuurvlieg was zo blij dat hij weer op het droge was en bedankte de bijtjes. “Wat kan ik doen om jullie te bedanken” zei hij. De bijtjes keken elkaar aan en antwoorden: “ Wij weten wel iets. De lessen op school zijn zo saai en u bent zo streng. Zorg nou dat u de lessen wat leuker maakt en we alles hebben om de les goed te volgen. Dan vinden wij de lessen weer leuk en halen goed punten”. De vuurvlieg dacht na over wat de bijtjes gevraagd hadden en dacht ook weer terug aan zijn eigen tijd op school. Daardoor begreep hij wat de bijtjes gevraagd hadden. Hij zorgde dat de lessen weer leuk en interessant waren en de bijtjes alle spullen hadden die nodig waren om de les te begrijpen.
En hierdoor ging de wens van de vuurvlieg eindelijk in vervulling. Hij werd één van de leukste leraren op de blije bijenschool. En niet alleen de bijtjes waren daar blij mee!
